Albert van de Molengraaf

Dol op DAF

“Nico is helemaal gek van DAF, net als ikzelf. We zijn er allebei van jongs af aan mee opgegroeid. Ik woonde vroeger in Stratum, op een steenworp afstand van de fabriek. Nico’s vader reed als chauffeur op een DAF. De passie is gebleven. Zo verzamelen we allebei miniaturen.

Nico en ik hebben elkaar leren kennen tijdens een feestavond, waar de RimboBand optrad. Ik was daar vanuit mijn rol als bestuurslid aanwezig. Daar zit ik al jaren in, doe ook de PR. Ik heb onder meer de website onder mijn hoede, beheer het Facebook-account en heb het blad van de RimboBand opgezet. Voorheen was het een krantje op A5 formaat in zwart-wit, tegenwoordig een full colour magazine. Tijdens die avond bemande Nico een kraam van SWZ en had een paar DAF-miniaturen uitgestald. Toen raakten we aan de praat”

Inmiddels zijn we ruim 5 jaar verder en gaan Albert van de Molengraaf (71) en Nico een paar keer per jaar samen op pad. “Dan haal ik hem op de woonvorm in Someren op, met mijn eigen auto. Een busje vind ik niks, dat is zoveel gedoe. Dan gaan we eerst samen een kop koffie drinken en daarna gaan we naar het DAF Museum. Nico heeft niet aangeboren hersenletsel en zit in een rolstoel. Meestal raakt hij na anderhalf, twee uur wat vermoeid. Dan hebben we het meeste ook wel gezien. Daarna gaan we nog een ijsje eten en breng ik hem rond half vijf weer terug naar de woning.

We hebben ook een keer samen de fabriek bezocht, dan wordt je rondgeleid in een treintje. Dat was ook een leuke ervaring. Ik vraag Nico wel eens om een keer iets anders te doen dan een uitstapje naar het DAF-museum, maar hij komt niet snel met een alternatief. Dus gaan we gewoon weer naar het museum. Als ik dat voor die jongen kan doen, dan doe ik dat graag.”

Albert is al 50 jaar actief als vrijwilliger. “Meestal stap ik ergens in en blijf dan een jaar of tien. Dan vind ik het tijd voor een frisse wind en ga ik door naar het volgende. Wel zo gezond voor de vereniging om regelmatig te verversen. Toen ik gestopt ben met werken, hebben we een camper gekocht. Twee keer per jaar nemen we deel aan een groepsreis. Dan zijn we een aantal weken op pad, zo hebben we de meeste landen van Europa al bezocht. Ook zijn we in Marokko geweest. We regelen een lokale gids, die ons leidt naar plekken waar geen massatoerisme is. Dan zie je het echte land en maak je kennis met de lokale bevolking.”

Nico woont op de woonvorm in Someren, waar 17 cliënten met NAH en/of een verstandelijke en/of een lichamelijke beperking wonen. Ieder in een eigen appartement. Contact met de andere cliënten of met de medewerkers heeft Albert nauwelijks.

“Ik ben zelf 12 jaar bezig geweest met het opzetten van een Workhome, waar 20 mensen met ASS en een verstandelijke beperking begeleid konden wonen en werken. Een ouderinitiatief, mijn eigen zoon Thijs zou hier ook komen wonen. De bouwtekeningen waren af, helaas trok de zorg de stekker eruit.” Na een weg langs verschillende instellingen, woont Thijs inmiddels 2 jaar thuis.

“Als vader wil je het beste voor je kind. Je ziet dat er binnen de zorg keihard wordt gewerkt. Als er iets wordt georganiseerd, heb je daar toch vrijwilligers bij nodig. Zo lang ik kan draag ik mijn steentje bij, al wordt het er gezien mijn leeftijd niet makkelijker op. Jonge aanwas is hard nodig!